Column Pleuni - De mooiste baan van de hele wereld

Uitgelicht op: 16-05-2018 om 11:40 in: Deelnemers

“Oh wow wat goed van je!” “Jeetje, dapper zeg.” “Knap!” “Wat onbaatzuchtig!”
De reacties die ik krijg als ik zeg dat ik docent ben zijn toch iets anders dan de reacties die ik kreeg toen ik bij een bank werkte. Ik voel me altijd een beetje ongemakkelijk als ik dit soort reacties krijg. Ik vind mijn baan niet per se dapper of knap of onbaatzuchtig of supergoed van mezelf. Ik vind het vooral heel erg leuk, grappig, en enorm veel waardering en voldoening geven. Wat is hier nou dapper, knap of onbaatzuchtig aan:

  • Als een leerling uit 5 havo aan je vraagt of je meegaat door de McDrive als hij zijn autorijbewijs gehaald heeft, je lachend ja zegt omdat je stiekem denkt dat hij dat tegen die tijd toch vergeten is en hij dan plotseling een paar maanden later vraagt wanneer jullie gaan, omdat hij zijn rijbewijs heeft gehaald.
  • Als je in het begin van het jaar je 3 havo-klas een paar keer begroet met “goedemorgen zonnestraaltjes!”, zij dat overnemen en tot op de dag van vandaag de klas inkomen en mij begroeten met “goedemorgen zonnestraaltje!”
  • Als de ouders van je allereerste mentorklas je op de eerste ouderavond de feedback geven dat ze je een bevlogen docente vinden.
  • Als je mentorleerling tijdens een serieus gesprek over zijn wangedrag van de laatste twee weken aan je opbiecht dat het komt omdat hij verliefd is, dat ze Juliette heet en dat hij zich niet meer kan concentreren omdat hij alleen maar aan haar kan denken en vervolgens advies vraagt hoe hij dit het beste kan aanpakken.
  • Die ene keer dat het me niet was gelukt mijn lessen voor te bereiden, omdat er in mijn vriendenkring twee sterfgevallen waren. Toen ik mijn klassen dat eerlijk vertelde met daarbij de vraag of ze alsjeblieft zelfstandig opdrachten konden gaan maken, condoleerden ze mij heel lief en gingen ze aan het werk.
  • Als je leert wat een “snelle planga” is van 3 havo en daar vervolgens op Koningsdag indruk mee maakt bij je vrienden.
  • Als twee mentorleerlingen je in vertrouwen durven te nemen en vertellen dat ze zich zeer ernstig zorgen maken over een andere vriendin en dat ze niet meer weten wat ze moeten doen.
  • Als je in je eerste jaar voor de klas lesbezoek krijgt van de afdelingsleider en je les moet geven aan die moeilijke 4 havo en ze ineens als engeltjes doen wat je zegt en je hele lesplan precies zo uitpakt als je wilde.
  • Als je mentorleerling in de eerste periode na drie slechte cijfers huilend naar je toe komt omdat hij bang is dat hij naar de mavo moet en aan je vraagt wat hij nu moet doen en hij er tegen het einde van het jaar beter voor staat dan ooit.
  • Als twee leerlingen uit 5 vwo zo’n goede praktische opdracht schrijven over de gevolgen van het Nederlandse belastingsysteem op ontwikkelingslanden dat je er als docent nog iets van leert.
  • Als een leerling uit 2 mavo naar je toe komt met de vraag wat ze moet doen voor het proefwerk, omdat het haar dit jaar nog geen één keer is gelukt een voldoende te halen voor je vak en ze voor het volgende proefwerk een 9,4 haalt.
  • Als je mentorleerling voor het kennismakingsgesprek een thermoskan met thee en koekjes meeneemt, omdat hij zoveel zin had in het gesprek en wilde dat het gezellig was.
  • Als je je recept voor superlekker bananenbrood deelt met dat ongeïnteresseerde meisje uit 3 havo en ze de les daarna een stuk meeneemt voor je.

Natuurlijk staat er tegenover deze lijst een lijst met dingen die ik minder leuk vind. Maar zolang ik de leuke dingen de boventoon laat voeren heb ik de mooiste baan van de hele wereld.